De rol van de wijkverpleegkundige bij preventie van vallen
Vallen is een van de grootste angsten en risico’s voor senioren. Een ongelukkige stap kan zomaar leiden tot een gebroken heup of lang herstel.
De wijkverpleegkundige speelt hierbij een cruciale rol. Zij komt bij je thuis, kijkt met een deskundige blik naar je situatie en helpt om vallen zoveel mogelijk te voorkomen.
In deze gids leggen we uit wat zij precies doet en hoe dit werkt in de praktijk.
Wat is vallenpreventie door de wijkverpleegkundige?
Vallenpreventie door de wijkverpleegkundige betekent dat een verpleegkundige bij je thuis langskomt om te bekijken hoe groot het risico op vallen is. Zij bekijkt je huis, je lichamelijke toestand en je dagelijkse gewoontes.
Het doel is simpel: zorgen dat je zo lang mogelijk veilig en zelfstandig thuis kunt blijven wonen. De wijkverpleegkundige is een verpleegkundige die speciaal is opgeleid voor zorg thuis. Zij werkt vaak via een wijkteam of een thuiszorgorganisatie.
In Nederland is vallenpreventie een vast onderdeel van de wijkverpleging, zeker voor mensen vanaf 65 jaar.
De wijkverpleegkundige bekijkt niet alleen of je al bent gevallen, maar vooral hoe je vallen kunt voorkomen. Zij kijkt naar de hele situatie: van de vloerbedekking tot je medicijnen. Een belangrijk onderdeel van deze aanpak is de Valrisico-analyse. Dit is een vragenlijst en een test die de wijkverpleegkundige met je doorloopt.
Je krijgt vragen over je gezondheid, je woning en je dagelijks leven. Daarnaast doet ze een eenvoudige loop-test, de Timed Up and Go-test.
Je staat op van een stoel, loopt 3 meter, draait je om en loopt terug. De tijd die je nodig hebt, zegt veel over je valrisico. De wijkverpleegkundige kan deze test uitvoeren zonder dat er speciale apparatuur nodig is.
Waarom is dit zo belangrijk?
Een val kan je leven flink op zijn kop zetten. Denk aan een gebroken pols of heup, maar ook aan een hersenschudding. Herstellen duurt vaak lang en je zelfstandigheid kan afnemen.
Veel senioren raken na een val bang om te bewegen, waardoor ze zwakker worden en het risico op nog meer vallen toeneemt.
Het is een vicieuze cirkel. In Nederland vallen jaarlijks zo’n 100.000 ouderen in de thuissituatie.
Van hen belandt ongeveer 20% in het ziekenhuis. De kosten voor de zorg na een val lopen flink op, tot wel duizenden euro’s per persoon. Door preventie in te zetten, bespaar je niet alleen geld, maar voorkom je ook veel leed en onzekerheid.
“Een val voorkomen is beter dan genezen. De wijkverpleegkundige helpt je om risico’s te herkennen en aan te pakken, nog voordat er iets gebeurt.”
De wijkverpleegkundige is een onafhankelijke professional. Zij kijkt objectief naar je situatie en geeft advies dat past bij jouw leven.
Zij werkt samen met huisartsen, fysiotherapeuten en apothekers. Door deze samenwerking wordt de zorg rondom vallenpreventie goed op elkaar afgestemd. Dit verkleint de kans op missers of verkeerde adviezen.
Hoe werkt vallenpreventie in de praktijk?
De wijkverpleegkundige start met een huisbezoek. Tijdens dit bezoek bespreekt ze je gezondheid en je dagelijks functioneren.
Ze vraagt naar medicijnen, oogproblemen, duizeligheid en of je al eens bent gevallen. Dit is geen verhoor, maar een gesprek om een goed beeld te krijgen. Je kunt ook zelf aangeven wat je zorgen zijn.
- Verlichting: is het donker in de gang of op de trap? Zijn er nachtlampjes?
- Vloeren: liggen er losse snoeren, tapijten of drempels? Is de vloer glad?
- Meubels: staan stoelen en tafels stabiel? Kun je je ergens aan vasthouden?
- Badkamer: zijn er antislipmatjes, steunen bij de douche of een douchezitje?
- Toilet: is er een beugel of verhoogde toiletpot?
Daarna volgt een rondgang door je huis. De wijkverpleegkundige kijkt naar:
Op basis van deze inspectie geeft de wijkverpleegkundige adviezen. Soms zijn dit kleine aanpassingen, zoals het weghalen van een los kleed of het plaatsen van een nachtlampje.
Andere keren zijn er grotere maatregelen nodig, zoals het plaatsen van een trapleuning of een douchestoel. De wijkverpleegkundige kan ook advies geven over hulpmiddelen. Een ander belangrijk onderdeel is het medicijnoverzicht. Sommige medicijnen, zoals slaapmiddelen of bloeddrukverlagende pillen, kunnen duizeligheid veroorzaken.
De wijkverpleegkundige bespreekt dit met je en kan overleggen met de huisarts of apotheker. Soms is een kleine aanpassing in de dosering al voldoende.
Daarnaast geeft de wijkverpleegkundige tips voor beweging. Zwakke spieren vergroten het valrisico. Ook bespreekt zij de invloed van alcoholgebruik bij senioren en de risico's daarvan. Zij kan adviseren om oefeningen te doen, zoals staan op één been of op een stoel opstaan en weer zitten.
Dit kan thuis worden gedaan, eventueel met hulp van een fysiotherapeut. Ook actief tuinieren helpt de motoriek verbeteren. De wijkverpleegkundige kan daarnaast doorverwijzen naar een valpreventieprogramma, zoals “Valrisico” of “Veilig Oud Worden”.
Varianten en modellen: wat kost het?
De zorg van de wijkverpleegkundige wordt vergoed vanuit de basisverzekering. Hiervoor heb je een verwijzing nodig van je huisarts.
De wijkverpleegkundige valt onder de wijkverpleging (eerstelijnszorg). Er is geen eigen risico van toepassing op deze zorg.
Dit betekent dat je geen eigen bijdrage hoeft te betalen voor het huisbezoek en het advies. De wijkverpleegkundige werkt meestal via een thuiszorgorganisatie. In Nederland zijn er grote aanbieders, zoals Thuiszorg Nederland, Buurtzorg of kleine, lokale organisaties.
De kwaliteit is overal hetzelfde, maar de aanpak kan verschillen. Sommige organisaties werken met vaste wijkverpleegkundigen, andere met een team.
Vraag bij je zorgverzekeraar welke organisaties in je buurt actief zijn. Naast de vergoede zorg zijn er ook particuliere diensten. Deze worden niet vergoed door de basisverzekering. Denk aan een uitgebreide woningcheck door een ergotherapeut, die specifiek kijkt naar aanpassingen in huis.
De kosten hiervoor liggen tussen de €75 en €150 per uur. Een ergotherapeut kan samenwerken met de wijkverpleegkundige, maar je kunt ook zelf een afspraak maken.
Hulpmiddelen voor valpreventie zijn er in allerlei soorten en prijzen. Een antislipmat voor de douche kost ongeveer €15 tot €30. Een douchezitje is verkrijgbaar vanaf €40.
Een toiletbeugel kost tussen de €30 en €60. Een trapleuning laten plaatsen kost ongeveer €100 tot €200, afhankelijk van de materiaalkeuze.
Een douchestoel of badlift kan duurder zijn, tot €300 of meer. De wijkverpleegkundige kan je adviseren over de juiste hulpmiddelen en soms ook helpen bij het aanvragen van een vergoeding via de gemeente (Wmo). Voor wie extra ondersteuning wil, zijn er valpreventieprogramma’s.
Deze programma’s worden vaak aangeboden door fysiotherapeuten of sportcentra voor senioren. De kosten variëren van €50 tot €150 per maand, soms vergoed door de zorgverzekering als je aanvullend verzekerd bent. De wijkverpleegkundige kan je vertellen welk programma bij jou past.
Praktische tips om vallen te voorkomen
Er zijn veel kleine dingen die je zelf kunt doen, zoals kiezen voor goed schoeisel, om het risico op vallen te verkleinen.
De wijkverpleegkundige geeft hierover advies, maar je kunt ook zelf aan de slag. Hieronder vind je een lijst met concrete tips: De wijkverpleegkundige is er voor jou.
- Zorg voor goede verlichting in huis. Plaats nachtlampjes in de gang en slaapkamer. Gebruik een lamp met een bewegingssensor.
- Verwijder losse tapijten en snoeren. Zorg dat de vloer niet glad is. Gebruik antislipstrips op traptreden.
- Gebruik hulpmiddelen. Een douchezitje, toiletbeugel of douchestoel kan veel steun bieden. Vraag de wijkverpleegkundige om advies.
- Controleer je medicijnen. Sommige pillen veroorzaken duizeligheid. Bespreek dit met je huisarts of apotheker.
- Doe oefeningen voor je evenwicht en spierkracht. Sta bijvoorbeeld elke dag een paar keer op één been. Vraag de wijkverpleegkundige om oefeningen die bij jou passen.
- Draag stevig schoeisel. Vermijd slippers of sokken op gladde vloeren. Kies voor schoenen met een goede grip.
- Laat je ogen regelmatig controleren. Een bril op sterkte of een nieuwe lens kan helpen om beter te zien waar je loopt.
- Gebruik een wandelstok of rollator als dat nodig is. De wijkverpleegkundige kan beoordelen of dit nuttig is.
- Zorg voor voldoende beweging en gezonde voeding. Zwakte en vermoeidheid vergroten het valrisico.
- Plan regelmatig een gesprek met de wijkverpleegkundige. Samen houd je de situatie in de gaten en pas je aan waar nodig.
Zij helpt je om veilig en zelfstandig thuis te blijven wonen. Door preventie in te zetten, voorkom je onnodige ongelukken en blijf je langer actief.
Heb je vragen of zorgen over vallen? Neem contact op met je huisarts of een thuiszorgorganisatie in je buurt.
Samen zorgen we ervoor dat je met een gerust hart thuis woont.
